Gewone alikruik

Alikruiken kun je langs de hele kust voorl op de dijken vinden. Wanneer een alikruik over een hard oppervlak kruipt laat hij slijmsporen achter. In dit slijm blijven algen plakken. Andere slakjes, bijvoorbeeld wadslakjes, maken hier gebruik van en begrazen de slijmsporen van de alikruik. Als je een alikruik oppakt, verstop hij zich in zijn huisje. Als je er een paar tegelijk pakt en ze in je hand tegen elkaar schudt, komen ze wel uit hun huisje. Ze denken dan dat het hoogwater is en ze in het water terecht zijn gekomen.
Kenmerken
| afmetingen: | maximaal 3 centimeter |
| kleur: | bruingrijs met een lichte opening |
| leeftijd: | 6 tot 10 jaar |
| voedsel: | zeewier en algen |
| vijanden: | mensen door visserij op alikruiken, sommige krabben zoals de strandkrab |
| voortplanting: | geslachtelijk |
Verspreiding en habitat
Gewone alikruiken komen zeer algemeen voor langs de Nederlandse kust, in de Noordzee, Waddenzee en deltawateren. Tijdens laagwater kun je ze soms massaal op de dijken, oesterbanken en wieren vinden.
Namen:
Ned: Gewone alikruik (krukel, kreukel)
Lat: Littorina littorea
Eng: Common periwinkle (edible periwinkle, common winkle, edible winkle)
Dui: Gemeine Strandschnecke
Fra: Bigorneau
Dan: Almindelig strandsnegl
Weblinks
Informatie over de alikruik op wikipedia:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Alikruik