Blog: tropisch zusje van de Waddenzee

In het blog van ZeeinZicht vertellen zeeonderzoekers hun belevenissen. Elke week komt een andere onderzoeker aan het woord. Deze week is dat Els van der Zee van het Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek. Zij doet onderzoek naar biobouwers in de Waddenzee. Om een vergelijking te maken met een ongerept gebied vertrok zij naar de Mauritaanse Banc d’Arguin, het tropische zusje van de Nederlandse Waddenzee.

Net als bij echte zusjes lijken ze behoorlijk op elkaar. De Waddenzee en de Banc d’Arguin zijn allebei waddengebieden met zachte bodems die met laag water droog komen te liggen. Miljoenen steltlopers zijn afhankelijk van de diertjes die in en op die bodems te vinden zijn. Ze moeten er genoeg van kunnen vinden om voldoende vet op te slaan om hun lange jaarlijkse trektochten te kunnen volbrengen. Al deze vogels zijn dus voor hun voortbestaan afhankelijk van deze twee gebieden. Niet voor niets zijn beide gebieden benoemd tot UNESCO Werelderfgoed!

Aan het werk in de zeegrasvelden (foto: Laura Govers)

Veel steltlopers kom je dus net zo makkelijk tegen in de Banc d’Arguin als in het waddengebied. Kanoeten, bontbekplevieren en tureluurs peuteren dan weer in de Afrikaanse en dan weer in de Nederlandse modder. Maar als je iets beter kijkt zie je toch ook wel verschillen. Tussen de voor ons bekende vogels staan in de Banc d’Arguin exotische flamingo’s en pelikanen. Verder staat er in de Banc ‘d Arguin heel veel klein zeegras. Waar in de Waddenzee mosselen en oesters belangrijke biowbouwers zijn, is zeegras dat in de Banc d’Arguin. En waar onze waddenkust meestal uit harde dijken bestaat, zie je daar vooral zand…..heel veel zand.

Waar onze kust uit dijken bestaat, zie je daar zand (foto: Els van der Zee)

Maar ook het veldwerk gaat heel anders dan ik van de Waddenzee gewend ben. Daar heb ik overal in het veld bereik met mijn mobieltje en kan ik even de buienradar en windguru raadplegen, maar in de Banc d’Arguin kunnen we alleen in geval van nood communiceren met de satelliettelefoon. Loop ik in Nederland bij wijze van spreken zo vanuit mijn kantoor het wad op om nog even snel iets te onderzoeken, daar moet alles tot in de puntjes worden voorbereid. Je reist niet zomaar naar Mauritanië en als je daar eenmaal bent heb je nog maar weinig tijd voor improvisatie. Dan moet alles op rolletjes lopen om het veldwerk in de korte tijd voor elkaar te krijgen.

Dat begint al bij de aanvraag van het visum, weken voor vertrek. Daarna moeten we stap voor stap doornemen wat we precies willen gaan doen, wat we er voor nodig hebben en hoe we het gaan aanpakken. Als je dan iets vergeten bent, heb je een groot probleem! De dichtstbijzijnde winkel is uren rijden. En ondanks de goede voorbereiding gebeurt dat natuurlijk toch weleens! Zo was ik deze keer de paaltjes om mijn onderzoeksveldjes mee te markeren vergeten! Oeps….In theorie een grote ramp. Zulke vergissingen kunnen je in dat soort afgelegen gebieden je hele onderzoeksreis verpesten. Gelukkig zijn we daar intussen ook op voorbereid en staat er een grote container in het kamp waar we logeren. In die container is van alles opgeslagen, van tape tot ijzeren buizen. Net als in de wensenkamer van Harry Potter kun je daar altijd wel iets vinden om je probleem mee op te lossen.

Het veldstation in Iwik, met links de moskee, in het midden onze woonruimte en rechts de huisjes van de park medewerkers (foto: Jeroen Onrust)

Als onderzoeker van de Waddenzee ben je in Nederland eigenlijk van alle gemakken voorzien. De mensen die wonen en werken in het Nationale Park Banc d’Arguin hebben erg weinig voorzieningen. Ze moeten uren reizen en lang sparen om zo iets simpels als batterijen te kunnen kopen. Daarom nemen we ook voor de mensen in het dorp altijd wat mee. Deze keer hebben we schoolboeken en schriften meegenomen voor de plaatselijke school. Daar is vanuit Iwik moeilijk aan te komen en voor ons is het een kleine moeite. Daar zijn we tenslotte zussen voor!

Het schooltje van Iwik (foto: Laura Govers)

Schoolboeken voor de school, daar is vanuit Iwik gewoon niet aan te komen (foto: Laura Govers)

Vriendelijke groeten, Els

Meer weten?

Het onderzoek

De wadplaten van de Banc d’Arguin zijn bedekt met enorme velden klein zeegras. Vroeger was dat in de Waddenzee ook zo. Men denkt dat door de ‘wierziekte’ en de bouw van de Afsluitdijk het klein zeegras hier nu bijna niet meer te vinden is. Her en der staat nog een polletje, maar van wapperende velden is al lang geen sprake meer. Om te kunnen onderzoeken hoe belangrijk die zeegrasvelden nu eigenlijk waren voor andere soorten in de Waddenzee, moest ik dus naar een vergelijkbaar gebied waar het zeegras nog wel volop groeit…..de Banc d’Arguin.

Vissen en krabbetjes vangen tussen het zeegras (foto: Els van der Zee)

Zeegras is een zogenaamde biobouwer. Biobouwers zijn planten of dieren die hun eigen omgeving kunnen veranderen. Zeegrasvelden vangen bijvoorbeeld zand- en slibdeeltjes op uit het water. Hierdoor wordt het water helderder, waardoor het zonlicht dieper door het water kan doordringen. Hierdoor groeit het zeegras zelf weer beter. Verder vormen de velden een fantastische schuilplaats voor kleine dieren, zoals krabbetjes, garnalen, zeepaardjes en jonge vis. Het verlies van dit soort biobouwers heeft dus belangrijke gevolgen voor het voedselweb in de Waddenzee.. Met mijn onderzoek in zowel de Waddenzee als de Banc ‘d Arguin probeer ik de rol van biobouwers te achterhalen zodat we met deze kennis dit soort prachtige gebieden beter kunnen beschermen.

Meer informatie:

Het onderzoek van Els vormt een onderdeel van het NWO Zee en Kust programma dat zich richt op veranderingen in de Waddenzee.

Onderzoeksproject: WaddenEngine
Ondertitel: ‘A human-driven regime shift through the loss of ecosystem engineers: consequences for the trophic structure and recovery potential of the Wadden Sea ecosystem’

Subsidieverstrekker: NWO-ZKO (Zee en Kust Onderzoek)

Bron:

Msc. Els van der Zee
AIO
Rijksuniversiteit Groningen en het Koningklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek aan zee (NIOZ)
E-MAIL: els.vanderzee@nioz.nl

Redactie:

Stichting ZeeinZicht
info@zeeinzicht.nl

Reacties welkom!

rienk nadema zegt:

als we daar nog een proefvakje moeten bevissen met de kokkelhark, dan geef je maar weer een seintje !